
Het Pleistoceen duurde van 2,5 miljoen tot 11.560 jaar geleden en kenmerkt zich door:
Afwisseling van perioden met een gematigd warm klimaat (interglacialen zoals de huidige tijd) en perioden met een overwegend veel kouder klimaat, de zgn. glacialen of ook wel ijstijden genoemd.
Door het vastleggen van enorme hoeveelheden water in de landijskappen daalt elk glaciaal de zeespiegel wereldwijd met vele tientallen meters.

De opkomst en ontwikkeling van de mensachtigen.
Kwartaire ijstijd
Pleistocene ijstijd is de ijstijd die het gehele Kwartair omvat (van 2,58 miljoen jaar geleden tot heden) en gekenmerkt wordt door permanente ijsbekking op Antarctica, Groenland en het periodiek voorkomen van grote ijskappen op het vasteland van Noord-Amerika en Noord-Eurapa/Azië.
Het klimaat op Aarde wordt beïnvloed door vele factoren, zoals de intensiteit van de zonnestraling. Dit wordt beïnvloed door de zg. Milankovic-cycli. (zie ook Het klimaat in het verleden varieerde sterk). Verder nog door de ligging van de continenten, de continentverplaatsingen, de zeestromen, de bedekking van het land door o.a. vegetatie, het weerkaatsingsvermogen van het aardoppervlak, de aanwezigheid van wolken in de atmosfeer en de chemische samenstelling van de atmosfeer. In de volgende koppeling Aardrevolutie vind je de geologische geschiedenis van Nederland in het Kwartair.
De eerste Mensachtigen 
De eerste mensen en aapmensen leefden al voor het begin van het Pleistoceen in Afrika. Gedurende halverwege het Pleistoceen kwamen de eerste mensen naar Europa.
Ten tijde van het Pleistoceen heeft de mens van Heidelberg de Aarde bewoond.

De Neanderthalers leefden van 150.000 tot zo'n 40.000 jaar geleden in Noordwest-Europa.
De eerste sporen van de moderne mens in Nederland zijn gedateerd op het eind van het laatste glaciaal. Nederland werd toen bevolkt door rondzwervende, jagende mensen van de Hamburgcultuur.
Een aantal mensensoorten:
Holoceen bron Natuurinformatie
Het Holoceen, vroeger ook Alluvium genoemd, duurt van 11.560 jaar geleden tot nu en is een relatief warme periode of interglaciaal, vergeleken met de voorgaande koude periode aan het einde van het Pleistoceen.
Tienduizend jaar geleden ligt de zeespiegel nog ongeveer veertig tot vijftig meter onder het huidige niveau. Grote delen van het Noordzeegebied liggen droog en Engeland maakt nog deel uit van het vasteland van Europa. Met uitzondering van de gebieden in het noorden van het Nederlands deel van de Noordzee, waar nog ijs heeft gelegen, vertoont het overgrote deel van het landschap tegen het eind van het glaciaal, het Weichselien , een zachtglooiend karakter met ruggen van dekzand. afbeelding Natuurpunt
|